Hulpreis Lesbos mei 2019

Hulpreis Lesbos mei
In mei 2019 ging er weer een groep namens GAiN naar vluchtelingkamp Moria op Lesbos. Jan Verweij doet verslag van zijn ervaringen. Lees hierna zijn persoonlijke verhaal.

Kennismaking met kamp Moria
Na onze aankomst op donderdagavond waarbij ik genoot van de vlucht en het zicht op Lesbos, gingen we vrijdagochtend naar een trainingsruimte van EuroRelief (organisatie in kamp Moria). Hanneke gaf ons informatie over het kamp en de vluchtelingenproblematiek en stelde ons in de gelegenheid vragen te stellen. Zodoende gingen we, met de presentatie van de voorbereidingsavond van GAiN, goed geïnformeerd op weg. We zijn met een kleine groep en rijden na de lunch naar het kamp. Best spannend om het kamp nu daadwerkelijk te gaan zien met alle informatie in ons achterhoofd. De rondleiding in het kamp helpt ons om nog meer te begrijpen hoe het er aan toe gaat. Wat een diversiteit aan mensen en culturen zie ik om me heen: Afghanen, Irakezen, Iraniërs, Syriërs, Congolezen, Somaliërs en nog meer. Allemaal mensen met hun eigen verhaal.

Werkzaamheden
Als groepje van vier sluiten we iedere dag aan bij alle vrijwilligers die uit verschillende landen hiernaar toe komen om te werken. We hebben s ’morgens eerst een dagopening en briefing in het kantoortje van EuroRelief. Applaus en respect voor Wilke en anderen die iedere dag dit kantoortje en de groep vrijwilligers leiden. De taken worden verdeeld. Bijvoorbeeld housing. Dit is mensen helpen met huisvesten en plekjes hiervoor klaarmaken en schoonmaken, maar ook oude, vieze tenten afbreken en nieuwe tenten opbouwen. Gereedschap sjouwen naar een plek waar een klusje gedaan moet worden, afsprakenbriefjes voor een doktersbezoek afgeven bij mensen. Dit zijn allerlei taken die gedaan worden, maar ook vluchtelingen uitleggen dat ze zich niet zomaar een ander plekje mogen toe-eigenen. Als je werkt bij de informatiebalie probeer je allerlei vragen te beantwoorden in het Engels of met behulp van een tolk die de taal van deze mensen spreekt.

Boosheid, verdriet en ellende
Ik zie mensen gelaten op het trapje zitten bij hun woonunit of met wat boodschapjes terugkomen van het dorp. Ik zie kinderen spelen met een eigengemaakt Barbiehuis, maar zie ook kinderen vechten en elkaar bijten. Ik haal ze uit elkaar en daar bekommert zich een oudere man van het kamp over. Zo gaat het dag in, dag uit.
Dan loop ik door de jungle, het tentenkamp net buiten het kamp. Ik zie ergens tussen de tenten een vrouw met hoofddoek gehurkt op de grond zitten en ze huilt. Ze ziet mij niet en ik kan haar als man alleen niet benaderen. Ik voel onmacht en medelijden. Ik kijk of er iemand is zodat we samen naar haar kunnen gaan, maar er is niemand in de buurt. Ik besluit om voor haar te bidden en haar te zegenen in Jezus naam.
Er is een gezin die uit eigen beweging binnen het kamp verhuisd is naar een tent en daar niet kan blijven. Er is een andere, weliswaar kleinere, plek voor hen beschikbaar tot ze eerdaags vertrekken naar het vaste land. Met name de vrouw van het gezin weigert te verhuizen. Dit is een behoorlijke moeilijke situatie, maar er is echter geen andere mogelijkheid. Het gezin moet naar een kleinere plek en desnoods zal het met behulp van de politie moeten gebeuren die binnen het kamp werkzaam is. Wanneer we weer terugkomen, is het gezin weg en samen met de politie besluiten we alle spulletjes tijdelijk op te slaan zodat we hen later kunnen verhuizen. Ook de tent breken we af. We vermoeden dat ze deze tent huren van een aantal jonge mannen die binnen het kamp onderhands afspraken maakt. De leider van deze jonge mannen dreigt met woorden en het in brand steken van hun tent. Wanneer de vrouw en haar gezin terugkomen gaat ze hysterisch te keer. Geduldig leggen we samen met de vrijwilligers van EuroRelief de situatie nogmaals uit, maar er komt geen einde aan. Duidelijk is dat er meer aan de hand is met deze vrouw. We leven mee met het gezin en bidden s ’avonds voor hen. Het is logisch dat EuroRelief afspraken binnen het kamp handhaaft om te voorkomen dat mensen hun eigen hiërarchie opbouwen.

Plezier, gelach en blijheid
Maar je ziet ook mooie dingen binnen het kamp. Ik loop naar de toegangspoort om materiaal van een klusjesman te sjouwen en ik zie en hoor hoe een achttal kinderen veel plezier hebben. De kinderen hebben van losse repen plastic schommels gemaakt. De hele middag hebben ze plezier met elkaar, waarbij de iets grotere kinderen de kleintjes helpen en af en toe helpt een ouder om een stuk plastic weer vast te knopen.
Later sta ik bij de informatiebalie van EuroRelief en twee kinderen zien een man, naar ik aanneem hun vader, aankomen. Buiten zichzelf van vreugde storten ze zich in elkaars armen, omhelzen en zoenen elkaar. De man slingert hen in de rondte, over zijn schouders en langs zijn lichaam en dat alles minuten lang! Prachtig om te zien!

Zondag
Rustdag voor ons en we vieren samen met vele andere vrijwilligers, enkele Grieken en zelfs vluchtelingen een dienst bij Oasis (een kerk in een fabriekshal). I58 uit Amerika houdt hier met andere organisaties samenkomsten en zorgen steeds weer dat er een voorganger voor een wat langere periode beschikbaar is.
In de middag gaan we naar het zogenaamde zwemvestenkerkhof. Dit kerkhof ligt bij een stadje aan de kust in het noorden van het eiland en hier komen de meeste vluchtelingen aan. Een ontelbare hoeveelheid geschikte en ongeschikte zwemvesten en rubberboten liggen hier. Ze zijn gedragen door mensen die door mensensmokkelaars en bedriegers de zee op zijn gestuurd naar de overkant waar alles beter zou zijn. En dat tegen betaling van duizenden euro’s. Velen van hen hebben de overkant gehaald en lieten hun zwemvesten achter op het strand. Van anderen spoelden de vesten aan langs de kust. Zo maakte iedereen zijn eigen tocht mee, die al begon met gevaren en bedreigingen in het land waar ze vandaan komen. Woorden schieten tekort als je te midden van al die zwemvesten staat en we bidden met elkaar.

Warehouse
Op maandag ga ik samen met een teamlid aan de slag in het Warehouse. Een voormalige garage buiten het kamp doet dienst als Warehouse en hier worden ingezamelde kleding, dekens, slaapzakken, tandenborstels en nog veel meer uitgezocht en verpakt voor de mensen in het kamp. Deze spullen komen uit heel de wereld en onlangs bracht GAiN een grote lading. Op deze dag sorteren we allerlei items op maat en spullen uit het kamp laten we wassen als het nog bruikbaar is.

Oude dame
We worden gevraagd een oude dame samen met haar dochter te begeleiden naar een kantoortje in het kamp. Er moet een foto van haar gemaakt worden voor de registratiedocumenten. Na enige tijd zoeken vinden we haar woonplekje; een ISO-box op de 1e verdieping en helpen haar en haar dochter naar beneden. De dame loopt erg moeilijk, zij is ergens tussen de 70 en 85 jaar en haar dochter blijkt een jonge vrouw met het syndroom van Down. Tijdens de wandeling naar het kantoortje vertelt de oude dame, grotendeels met gebaren, iets over haar leven. Ze vertelt over haar man en maakt een snijbeweging langs haar hals. Ze verteld over haar vier zonen en maakt dezelfde beweging. Nu is ze samen met haar dochter hier in kamp Moria. Eind van de week zien we haar en haar dochter bij de uitgang van het kamp wachten bij de bus, omdat ze naar het vaste land van Griekenland mogen!

Wonderen
Bij het vinden van een woonplekje voor een echtpaar waarvan de man hemofilie heeft, raakt een collega reisdeelnemer verder in contact met hen. Het woonplekje wordt op orde gemaakt en er ontstaat een gesprek over waarom vrijwilligers dit werk doen en waarom zij mensen in dit kamp, waaronder dit echtpaar, willen helpen. Het is niet toegestaan hier te evangeliseren omdat dit spanningen kan veroorzaken tussen verschillende groepen. Maar als mensen uit het kamp ernaar vragen, mag je eerlijk antwoorden wat jouw motivatie is om in een vluchtelingenkamp te werken. Van het een komt het ander en aan het einde van de dag zitten drie reisdeelnemers van ons team in de kleine woonruimte van het echtpaar en bidden voor het echtpaar. Nadrukkelijk vragen we of het echtpaar dit echt wel wil en of ze begrijpen hoe en tot wie wij bidden. Ze stemmen duidelijk in. Daar zitten we, op het bed en op de grond. De man heeft veel pijn in zijn knieën, zere ellebogen en een pijnlijke schouder door zijn ziekte en de lange vlucht door de bergen en door de sneeuw. Injecties die kunnen helpen, kosten duizenden euro’s in het land waar ze vandaan komen en zijn daardoor onbetaalbaar. We bidden met hen voor zegen, rust, herstel en genezing en drinken tussendoor thee. We praten en bidden weer en de man vertelt geen pijn meer te voelen in zijn schouder en ellebogen. We worden hierdoor bemoedigd en bidden nogmaals. Hun gezichten stralen en de man staat zichtbaar makkelijker op vanaf het bed en zegt geen pijn meer te hebben in zijn knieën. Wat een wonderen! God is Groot! De dag erna ontvangen ze buiten het kamp op een van de projecten een Bijbel van ons in hun eigen taal.