Hulpreis Lesbos februari

En daar loop je dan met z’n achten…. door het beruchte kamp Moria. Het is onwerkelijk om hier te zijn en de mensen te zien lopen die hier daadwerkelijk wonen. Mensen staan met elkaar te praten, er wordt afgewassen, de mannen staan in de rij om hun eten op te halen, kinderen spelen tikkertje. Zo op het eerste oog lijkt het best vredig. De eerste dag krijgen we een rondleiding door het kamp, langs de verschillende secties en zones. Er zijn een aantal bewaakte secties waar kwetsbare mensen wonen, zoals minderjarige jongeren en vrouwen met hun kinderen. Ook een aparte sectie voor de ‘New Arrivals’ die wachten tot ze een plekje krijgen toegewezen. En dan in een aantal zones allerlei verschillende tenten, containers en barrakken. Pas later als we aan het werk gaan, zien we hoeveel gezinnen er met elkaar op een klein oppervlak moeten wonen, afgeschermd met slechts een aantal dekens. Pas als we barrakken moeten schoonmaken, zien we hoe vies, beschimmeld en ongezond deze zijn. Pas als we mensen moeten verhuizen of tenten moeten afbreken, merken we de enorme frustratie bij de vluchtelingen en de onmacht in deze hele situatie. 

Tijdens één van onze shifts krijg ik de taak om samen met iemand anders tickets voor doktersafspraken uit te delen. Dit zijn simpele briefjes waarop iemands naam staat, het nummer van de woonruimte en de tijd van zijn of haar afspraak. We krijgen een plattegrondje mee waarop alle woonruimtes staan geregistreerd met het desbetreffende nummer. Soms lastig te lezen. Het is al avond dus met een zaklamp gaan we op stap. In de eerste zone waar we beginnen is op dat moment stroom. Dat schijnt dus niet vanzelfsprekend te zijn, want het is niet mogelijk om het hele kamp tegelijk van stroom te voorzien. Daarom krijgt elke zone maar een paar uur per dag stroom. Waar wij komen branden de lampen en staan de heaters op de hoogste stand. Even opwarmen om straks de nacht door te kunnen. In elke barak waar we tickets moeten uitdelen, komt er iemand naar ons toe om te helpen de juiste persoon te vinden. Pas als we de politiepapieren hebben gecontroleerd en dus zeker weten dat we de juiste persoon hebben, geven we het ticket en proberen we duidelijk te maken wanneer de doktersafspraak is. Niet iedereen spreekt Engels, en ook lezen is erg moeilijk, vanwege de letters en de leesrichting. We vertrouwen er maar op dat ze het begrijpen, of anders iemand zoeken die wel Engels kan om het hen uit te leggen in hun eigen taal. Op een gegeven moment worden we uitgenodigd door een gezin met vier kinderen voor een kopje thee. We stappen hun ‘hokje’ binnen, er staat een stapelbed en daarnaast een aantal opgestapelde kratten. Ze kunnen geen Engels, dus we gebaren wat, en we laten foto’s zien aan elkaar. Ze maken ook een foto van ons samen met de kids. Waar wij ons ongemakkelijk voelen over het feit dat we niet met elkaar kunnen communiceren, zijn zij gewoon gastvrij. Heel bijzonder. Aan het eind van ons gesprek valt opeens de stroom uit. Geen licht meer, geen heater, niks. Er wordt amper op gereageerd, de man zet de zaklamp van zijn telefoon aan en de kinderen spelen rustig verder. Ze zijn dit gewend. Na een tijdje nemen we afscheid en vervolgen we onze weg langs de tenten. Alleen, nu zonder stroom. We merken langzaam aan dat het stiller wordt en dat mensen naar bed gaan. Na nog een paar tickets komen we in de volgende zone. En hier is licht! Blijkbaar is dit de volgende zone die aan de beurt is om stroom te krijgen. De bedrijvigheid is enorm. Iedereen is buiten, staat met elkaar te praten en ook binnen in de barrakken is het één en al levendigheid. Het is inmiddels 23:30 uur. Ik vraag gekscherend aan iemand: “Moeten jullie niet slapen?” “Nee,” is het antwoord, “we hebben wifi!” Ja, logisch natuurlijk…. We worden weer uitgenodigd voor een kopje thee, maar die moeten we helaas afslaan. Onze shift zit er bijna op en we willen graag alle tickets uitgedeeld hebben. Regelmatig krijgen we de vraag: “My friend, my friend, ticket Athens?” Dat is waar ze op wachten, het bericht dat ze naar ‘Athene’ mogen, met andere woorden: van het eiland af. Later horen we dat ‘Athene’ in dit geval een verzamelnaam is voor alle plekken waar mensen naar toe verplaatst kunnen worden. En helaas moeten we elke keer ‘nee’ antwoorden, maar ‘if we have one for you, we will bring it to you’.

We hebben een bijzondere week gehad met elkaar. Veel meegemaakt, veel geleerd en vooral veel kunnen doen. Het is fijn om in deze ellende je nuttig te kunnen maken. Je kunt het niet oplossen, maar je kunt wel je steentje bijdragen. We hebben veel mooie verhalen om te delen met onze vrienden en familie, maar ook veel verdrietige verhalen. De situatie daar is niet oké, maar we doen wat we kunnen. God werkt door ons heen. En dat is het allerbelangrijkste.

 

“Let faith arise

In spite of what I see

Lord, I believe

But help my unbelief

I choose to trust You.

No matter what I feel

Let faith arise.”

-Chris McClarney, God of Miracles